Zondag 26 mei 2019

Zondag 26 mei zal ik niet snel vergeten. De gitzwarte zondag hakte er stevig in. De zwarte zondag uit ‘91 die aan de oorsprong lag van mijn engagement, mijn studiekeuze en eigenlijk ook mijn hele loopbaan, was er opnieuw. En niet zonder gevolgen voor mezelf. Nadat ik mijn job opzegde en maanden campagne voerde, stond ik rond zondagavond rond 22u met lege handen. De derde kamerzetel in Antwerpen was Groen op dat moment definitief ontglipt.

Op het podium vierde Ecolo een mooie overwinning en ook onze partij ging vooruit. Veel te weinig naar mijn zin en verwachtingen, maar ze ging vooruit. Het zijn gemengde gevoelens die op dat moment door je heen gaan. Eigenlijk wilde ik het liefst zo snel mogelijk naar huis gaan. Maar ik voelde me verplicht om toch even op het feest te blijven hangen voor de mensen om me heen, mensen met wie ik de afgelopen maanden zoveel deelde.

In de druilige regen wandelde ik rond 1u terug mijn stad in. Eenmaal thuis deed ik nauwelijks een oog dicht. Toen mijn dochters ’s morgens opstonden nog even uitgelegd dat al die voorbije maanden van afwezigheid niet voor niets waren, maar dat ik toch niet naar het parlement ging. Politiek is hard op zo’n moment.

Na een tijdje begon tot me door te dringen dat ik zelf nog niet zo’n slechte campagne had gevoerd. Vanop de derde plaats haalde ik bijna 9500 stemmen, zeker geen slechte score. Dat zijn veel mensen bij elkaar.

Terwijl de binnenstromende berichten me in het begin vooral confronteerden met wat ik niet haalde, begonnen ze na een tijdje toch wel het gewenste effect van de verzenders ervan te krijgen. Ze boden namelijk steun en maakten me trots op de poging die ik heb ondernomen. Ik kreeg van de meest onverwachte onbekende en bekende mensen berichtjes. Langzaamaan begon ik terug wat plezier te krijgen in mijn telefoon vast te houden en berichten te beantwoorden.

Ik besefte hoe een aantal mensen hun hoop op mij hadden gesteld om iets te veranderen in het parlement. Mensen gaven met hun teleurstelling in mijn niet-verkiezing, zo expliciet aan dat ze in me geloofden, dat ik het ook wel moest geloven. Dat ik als beginnend politicus alvast die capaciteit had: mensen de hoop te geven iets te kunnen veranderen. Politiek is best wel mooi zo. Wat had ik hen graag bewezen dat ze gelijk hadden.

Ik bedank erg hard mijn gezin, de vrienden en familieleden die me steeds door dik en dun steunden. Ik bedank de mensen die me in deze campagne steunden, zonder wie ik nergens had gestaan. En uiteraard grote dank aan wie me het vertrouwen gaf in het stemhokje. Intussen ben ik er wel zeker van: geen enkele spijt van mijn poging.

Zelf zet ik nu één en ander op een rijtje en bekijk ik wat mijn volgende stappen worden. Binnen of buiten de politiek. Het zal alleszins maatschappelijk geëngageerd zijn. Om het vertrouwen van al wie me zijn of haar stem gaf op één of andere manier alsnog te belonen. Maar ook omdat de globale uitslag van de verkiezingen me dat opdringt.

prev